capital-l
lower-h

Tweede Wereldoorlog

Leeshonger tijdens de oorlogsjaren

In mei 1940 valt Duitsland het koninkrijk België binnen. Tijdens de oorlogsjaren groeit bij de bevolking een grote leeshonger: zij wil de ellendige oorlogsomstandigheden vergeten.

Uitgeverijen beleven, ongeacht de papierschaarste, gouden tijden. Wellicht vanwege deze bloeiende boekenmarkt en een relatieve publicatievrijheid houden de meeste schrijvers zich in hun proza en gedichten vooral bezig met dezelfde thema’s als voor de oorlog. Ondanks de bezetting lijkt het leven gewoon door te gaan. Anderen auteurs publiceren dan weer volksverbonden of openlijk pro-Duitse literatuur. Enkele letterkundigen zijn actief in het verzet, sommigen komen om in een concentratiekamp.

Daisne: De Trap van Steen en Wolken

Johan Daisne: De Trap van Steen en Wolken. Brussel: Manteau, 1942

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was volgens Hubert Lampo De Trap van Steen en Wolken van Johan Daisne als een licht in de duisternis: ‘Nog steeds ben ik hem grenzeloos dankbaar voor zijn blijde boodschap tijdens de meest desolate winter van de oorlog, toen alle vreugde, alle verbeelding en alle geloof in de mens voorgoed schenen afgestorven en alleen de tot het transcendente opschietende fantasie van een jong en alleszins roekeloos dichter nog bij machte bleek om het smeulend vertrouwen in het leven opeens weer vlam te doen vatten.’

De collaborerende pers zag het bij monde van Jeanne de Bruyn in Volk en Staat wel enigszins anders: ‘Zeker, deze auteur kan wat, zijn geestesverwanten in het Noorden kunnen nog meer. Maar waarheen voerden zij hun volk? Naar de volledige vervreemding, naar het nationale en menselijke niets, naar den dood door verstikking in kunstmatigheid.’

Meld je aan voor onze nieuwsbrief