capital-l
lower-h

Is het nu Henri of Henriette Picard?

Zondagnamiddag 16 mei

Waarin Picard goed en slecht nieuws krijgt van ontsnapte geïnterneerden, op ziekenbezoek gaat, eindelijk zijn kamer huurt, kritiek geeft op de tweede stelling van Van Cauwelaert en brieven schrijft onder een vrouwennaam, omdat zijn gewone post niet aankomt.

Zondagnamiddag 16 mei

Donderdagnamiddag, regen, regen en koud! Ik schrijf brieven […] Omdat ik nog mijn nieuw adres niet ken verzend ik eerst later (pas vandaag) brieven aan E. Laureyssens en Mr. Pieters (deze laatste om hem te verzoeken thuis bericht te willen meezenden, dat mijn 2 laatste brieven terugkwamen.

Ik kreeg nieuws van [Van] Bedaf: die is in Frankrijk en betreurt niets. Hij zou willen blijven waar hij is. Van den gendarm Vaes bracht Lenaerts het spijtigste nieuws. Die zou te Ieperen den dood gevonden hebben. Op wacht op een brug moest hij vluchten met 20-30 burgers in een huis dat boven hem platgeschoten werd. Gendarmen brachten Lenaerts het bericht over. Jufr. de Lange kon het ook niet anders dan verschrikkelijk vinden en van de les van conversation française kwam er vrijdagavond niet veel. Vrijdag kwam heer d’Ancona opnieuw met een broer van de heer Gouverne, dien ik vroeger leerde kennen ; die heer kwam pas van Indië terug en vond het hier bar koud. In Oranje Mecklenburg aten wij een stukje. Samen gingen wij naar ’t kamp om Denisty en de handelsreiziger te zien. Ik ging naar de Harmonie en vroeg er een kaart om mij als lid voor te stellen. Met Heyndrickx en Guesdon huurden wij dan de kamer Grote Poortstraat. De vrouw liet zich toch overpraten en wij mochten er een petroleumvuur in de schoorsteen neerzetten. Om half 5 zag ik d’Ancona en Gouverne opnieuw aan ’t station. d’Ancona zou te Amsterdam een postkaart aan huis in de bus steken, geteekend d’Ancona.

Gisteren les voor de gendarmen. Vervelend. Langs 2 zijden (2 klassen) leeren ongeletterden lezen.

’s Middags zag ik Hodister (om boeken – Streuvels had hij wel waar gevonden, maar dat mochten slechts enkelen, ingewijden, weten). Met Annez ging ik wandelen, een pintje drinken aan ’t station, mij ‘present brengen’ in de school B.

’s Avonds in het kamp was het vergadering A.N.V. Ik sprak over de twee eerste stellingen [van] Van Cauwelaert (studenten te Utrecht). Stelling II was delicaat: dat er niets tegenstrijdigs is tusschen het politieke België en de Vlaamsche Beweging. Ik wees op enkele feiten (orangisme, art[ikel] grondwet over vrij gebruik van de talen; cfr verfranschte bureaucratie, laatste leger- en onderwijsdiscussies, âme belge, bestuurlijke scheiding, enz. Geene discussie van beteekenis.

Vandaag zondag: Goossens, onzen zieken binder in ’t hospitaal bezocht: armzalige inrichting, triestig van aanblik, enkel de tuin is te genieten. Goossens wil er ook zoo spoedig mogelijk uit. Ik ontmoette Gena en hij had grooten dorst. Thilippart kwam bijzitten (Zeezicht) en was pas dezen morgen het schurfttractement in ’t gasthuis gaan onderstaan.

Dezen morgen ontving ik uit Parijs een brief van de Vie féminine: 2 ballots de livres ont été expedis à notre adresse. Ik deed daarop wat aan gekribbel: ik schreef aan mej. Mad[eleine] Picard een postkaart: Lieve vriendin; ik teeken Henriette, en adres van afzender is Grote Poortstraat 301.

Nu ga ik naar het appel in School B. Om 7 uur komt De Keyser en dan gaan we samen een kopje thee gebruiken bij Dr. Speykeboer.

Meld je aan voor onze nieuwsbrief